Welkom kind Midden en West Brabant: pedagogische kwaliteitsboom 2

Afgelopen week stond het vervolg van de pedagogische kwaliteitsboom op de agenda. Vandaag bekeken we de twee laatste ‘wortels’ van de boom en konden we nadenken over hoe we die invulling geven in onze eigen opvang.

Samen met Annet gingen we op onderzoek over hoe je kinderen kan helpen om sociale competenties te ontwikkelen. En dan vooral hoe jij dat in jou opvang overbrengt aan de kinderen. In kleine groepjes konden we hierover ervaringen uitwisselen. Je hoeft niet te doen wat je collega gastouder doet, zolang jij maar duidelijk hebt wat je doet en hoe je het doet. Dat noteer je zo concreet mogelijk op het juiste vakje in de kwaliteitsboom.

De laatste wortel die we besproken is het bieden van de gelegenheid om waarden en normen eigen te maken. Dat is waarschijnlijk de wortel die het minste verandert in je opvang. Want als je het nu belangrijk vindt dat kinderen elkaar geen pijn doen, zal je dat waarschijnlijk ook nog over 10 jaar belangrijk vinden. Maar wat doe je wanneer je vraagouders krijgt met andere waarden en normen dan degene die jij belangrijk vind? Hoe ga je daarmee om en hoe integreer je die waarden en normen in jou opvang? Een kind dat vanuit geloofsovertuiging geen varkensvlees mag eten vb. Hoe leg je dat uit aan de andere kinderen wanneer er vragen komen? Net over die vragen liet Annet ons even goed nadenken.

En dan is het nu aan ieder van ons. We kregen allemaal een poster van de kwaliteitsboom mee naar huis om in te vullen. Dat is best nog een flinke boterham want zoals gezegd, we zijn allemaal elke dag met de vier pedagogische kwaliteitsdoelen bezig. Maar om heel concreet en kort op te schrijven hoe ik dat doe…….daar moet ik toch nog eens even goed over nadenken. Ik ga eerst alles op een ander blad noteren, dan de essentie hiervan samenvatten en dat dan op post-its op de kwaliteitsboom noteren. Maar eerst een verjaardag vieren van een gastkindje. Want ook dat is het bijbrengen van waarden en normen! Ik vind het namelijk belangrijk om het kind even in het zonnetje te zetten wanneer hij of zij jarig is! Voila….mijn eerste puntje heb ik al. Zo simpel kan het dus zijn!

Myriam

Advertisements
Standard

Welkom Kind Midden en West Brabant: Cursus pedagogische kwaliteitsboom 1

Sinds 1 januari is de wet IKK in werking getreden. Wet IKK staat voor Wet innovatie en kwaliteit kinderopvang. De ontwikkeling van kinderen staat centraal en aan opvang wordt steeds meer eisen gesteld. Opvang is niet meer gewoon opvang maar wordt eindelijk erkend als een echt vak. In de wet IKK zijn een hoop  maatregelen opgenomen die de kwaliteit van de kinderopvang verbeteren en ondersteunen.

De pedagogische kwaliteitsboom is 1 van die maatregelen. Door middel van deze boom kunnen gastouders en andere pedagogisch medewerkers heel duidelijk laten zien hoe zij concreet invulling geven aan de 4 pedagogische  basisdoelen. De basisdoelen zijn:

1. Het gevoel geven van emotionele veiligheid

2. Het ontwikkelen van persoonlijke competenties.

3. Gelegenheid bieden tot het ontwikkelen van waarden en normen.

4. Gelegenheid geven tot het ontwikkelen van sociale competenties.

Welkom Kind Midden en West Brabant wil graag haar gastouders begeleiden om nog betere pedagogische medewerkers te worden. Daarom organiseert Welkom Kind Midden en West Brabant de cursus pedagogische kwaliteitsboom. Deze cursus bestaat uit 2 avonden. Onder deskundige leiding van Annet hebben we de eerste 2 basisdoelen besproken en konden we in kleine groepjes overleggen welke invulling wij geven aan deze basisdoelen. En eigenlijk doet elke gastouder dat al, maar vaak ben je je er gewoon niet van bewust. Dankzij deze cursus sta je weer eens even stil bij hoe en waarom je kinderen op deze manier begeleidt. Als je voor jezelf duidelijk hebt waarom je iets op een bepaalde manier doet dan kan je dit noteren in je kwaliteitsboom zodat het voor iedereen die in je opvang komt duidelijk is hoe jij invulling geeft aan het werken aan de 4 basisdoelen. Je kan deze kwaliteitsboom dan bespreken als je nieuwe vraagouders in je opvang krijgt, maar ook wanneer je bezoek krijgt van de GGD is het belangrijk om voor jezelf duidelijk te hebben hoe je invulling geeft aan die basisdoelen. Ook dan kan de kwaliteitsboom een hulpmiddel zijn om dit duidelijk te krijgen. Als tip gaf Annet nog mee om post-its  te gebruiken om op de boom te kleven in plaats van rechtstreeks op de poster zelf te schrijven. De poster zelf is namelijk nogal prijzig en het kan best zijn dat je werkplan af en toe wijzigt, als er op een bepaald moment meer BSO kinderen in je opvang zijn bv, of meer baby’s. Je groeit natuurlijk zelf ook steeds als pedagogisch medewerker en daardoor kan het werkplan er ook anders gaan uitzien. Dan kan je gewoon een andere post-its op de juiste plek kleven en is je werkplan weer in orde!

Volgende week deel 2  van deze interessante cursus! Ik kijk ernaar uit!

Myriam

 

 

 

Standard

Peutergedrag: slaan – het vervolg

Een aantal weken geleden vroeg ik jullie raad ivm een bijna 2 jarige die de hele tijd op een foute manier contact zocht. Hij sloeg en schopte om zich heen zonder het besef te hebben dat dit niet kan. Het was echt zijn manier geworden om contact te zoeken met andere kinderen en al mijn truukjes leken niet te helpen. Ik heb toen een aantal tips gekregen van jullie en die heb ik ook toegepast.

We zijn nu een paar weken verder en ik mag jullie vertellen dat het slaan voor 80% verminderd is. We zijn er nog niet helemaal, maar hij is dan ook nog geen 2 jaar. Dit is een leerproces. Maar ik ben al heel blij dat het al een heel stuk beter gaat. Zo kunnen de andere kinderen zich ook weer veilig voelen.

De omslag kwam echt van de ene op de andere dag! Ik kreeg al de tip om hem nog meer te behandelen als een grote jongen, om hem extra uit te dagen door vb moeilijkere werkjes te laten doen. Dit zijn we gaan doen en hij geniet hiervan. Maar de echte omslag kwam door een samenloop van omstandigheden. Ik heb 2 goede hoge kinderstoelen in de opvang. Ik heb geen ruimte om er meer in mijn keuken te zetten en het gebeurt maar zelden dat ik meer stoelen nodig heb. Tot op het moment dat de baby, die normaal tijdens de lunch slaapt, besluit om net voor de lunch wakker te worden. Zodus heb ik dus 1 baby van bijna 1 jaar en 2 peuters van net geen 2 jaar die allemaal willen lunchen. Tel daarbij nog 2 kleuters van  3 jaar en de tafel zit vol. Die kleuters zitten natuurlijk op een gewone stoel maar omdat de peuters zo bewegelijk zijn zette ik hen liefst in een hoge stoel. Ik was namelijk bang dat ze van een gewone stoel af zouden vallen. Maar baby moet natuurlijk ook in een hoge stoel. Dus….3 kinderen voor 2 stoelen. Dat wordt even improviseren. Ik besluit om mijn klein boksertje op een gewone stoel te zetten. Die stoel zet ik tussen de muur en een hoge kinderstoel in zodat hij toch een beetje veilig zit. Hij kan zo in elk geval niet zijwaarts van de stoel vallen. En ik zit ook bij aan tafel om hem wat in de gaten te houden. Ik roep de kinderen aan tafel, vertel hem dat hij niet in een hoge stoel moet maar zoals de grote kindjes op een normale stoel. Ik zet hem op zijn plekje en hij groeit letterlijk. Hij straalt! Hij geeft bijna licht omdat hij zo trots is dat hij net zoals zijn grote zus en de andere kleuter op een grote stoel mag! Hij roept ook iets dat op “groot”lijkt. Ik bevestig een aantal keren dat hij groot is. En blijkbaar roept het woordje “groot”bij hem de associatie op om niet te slaan. We zijn er nog niet….soms hervalt hij wel eens in het slaan en hij trekt kinderen nu aan hun hand mee om bij hem te spelen. Ook dat is natuurlijk niet DE manier om kinderen te vragen om samen te spelen, maar het is wel een reuzestap in de goede richting! De sfeer in de groep is ondertussen ook weer fijn. Van zenuwachtige, gespannen kinderen hebben we nu weer een fijn groepje waarin iedereen zich goed voelt en lekker op ontdekking gaat!

 

Myriam

Standard

Peutergedrag: slaan

Sinds ongeveer 6 maanden heb ik een broer en zus in de opvang. Zus wordt in juni 4 jaar en broer wordt in juni 2 jaar. Zus is een lieve, zachte, verlegen meid die graag puzzelt, kleurt, knutselt of met de poppen speelt. Broer ziet eruit als een echt beertje. Hij is breed gebouwd en het lijkt alsof hij dat ook weet en er misbruik van maakt. Broer is namelijk niet zo lief. Sinds 5 maanden gooit broer met alles wat hij in zijn handen heeft, hij slaat, schopt en bijt alles en iedereen. Zijn zus, de andere kinderen in de opvang, (jongere en  oudere kinderen, maakt niet uit), onze katten, mij, zijn moeder, ouders van opvangkinderen, zelfs wildvreemden in de winkel….. De enige die niet deelt in de klappen is papa van deze boef. En ik….ik weet niet meer hoe ik hem moet afleren om te slaan.

Hij slaat namelijk altijd, of ja…zo lijkt het toch. Hij slaat als hij boos is (en die kan ik nog wel begrijpen als je nog geen 2 bent en nog bijna niet praat). Maar hij slaat ook als hij blij is of als hij lekker aan het spelen is, als hij naar iets staat te kijken en er komt een kind naast hem staan geeft hij een knal of hij schopt. Wanneer hij lekker aan het spelen is  en er  komt een kind in de buurt (ook al loopt dat kind gewoon langs hem heen) slaat hij of geeft hij een duw. En zoals ik al zei….het is stevig kind dus gooit hij zijn gewicht ook mee in de strijd. Een klap van dit kereltje krijgen komt stevig aan vind ik. Dus als hij dan een (kleiner) kind slaat doet dat hen echt wel pijn. Ik heb de indruk dat hij ook weet dat hij niet mag slaan. Hij roept, vlak (of ja, bijna tijdens het slaan) “Ah-Ah”of “Nee”. Dat zijn dan ook zowat de enige woorden die hij spreekt….”ja”en “mama/memmie” nog en dan houdt zijn woordenschat  op. Als hij ziet dat ik naar hem kijk houdt hij zich ook in maar dat kost hem zoveel moeite. Hij gaat dan staan wiebelen en met zijn handjes wriemelen. Vanaf hij denkt dat ik niet meer kijkt slaat hij alsnog. De drang om te slaan is dus veel te groot.

Hoewel ik begrip kan hebben voor een onhandige manier van contact maken is slaan absoluut not done hier. Kinderen die op deze manier contact zoeken leer ik om op een andere manier aandacht te vragen van andere kinderen, maar bij deze kleine mijnheer werkt er niks….Afleiden, voor doen hoe het wel kan, heel vaak “niet slaan” zeggen. Hij blijft slaan en schoppen. Vanochtend nog sloeg hij een baby van 6 maand. Recht op zijn gezichtje. Ik was in de kamer, maar hielp even een ander kind met een puzzel. Ik had hem dus niet echt ‘onder vizier’. Tegenwoordig zet ik hem met de woorden “je mag niet slaan”, even op de mat in de gang. Dan brult hij even de boel bij elkaar. Na een minuutje ofzo ga ik naar hem toe. Dan is hij al lang klaar met brullen. Ik vertel hem nog eens dat hij geen kindjes pijn mag doen. Hij zegt “ja” en wil dan altijd een dikke knuffel geven, dat mag! Dan gaat hij lachend weer naar de kamer. Daar ziet hij zijn zus, hij gaat dan vaak heel zielig huilen waarop zijn zus hem troost. Hij lacht naar mij, ik lach terug, hij staat op en slaat zijn zus met de vlakke hand en alle kracht die in zijn lijfje zit in haar gezicht……Dus tja…..ik weet even niet meer hoe ik met hem om moet gaan, maar ik merk dat ik het best moeilijk heb met dit gedrag. Ik wil ook niet altijd bovenop hem zitten of boos kijken want soms heb ik de indruk dat wanneer ik naar hem lach dat hij dat als vrijkaart ziet om te mogen slaan.

Ohja, hij slaat papa niet omdat die een keer heeft “teruggeklopt”zoals papa zelf aangeeft. Dat lijkt me nu ook niet de manier om hem het slaan af te leren. Meer nog…ik denk dat hierin een bodempje van het slaan ligt. Want als papa mag slaan waarom hij dan niet???

Alle tips en trucs om dit gedrag af te leren hoor ik graag want nu zorgt dit gedrag voor een negatieve sfeer in de opvang. Niet in het minst voor het kereltje zelf want niemand speelt nu graag met hem.

Myriam

 

Standard

Ieeeuwww, snot!

P1020123

De “r” zit in de maand en dan zijn kindjes verkouden zei mijn grootmoeder altijd. Ze lijkt hierin ook gelijk te hebben. De meeste opvangkindjes hoesten en proesten. Ik veeg de hele dag door neusjes af. Dit is dus de uitgelezen periode om het thema ziek zijn boven te halen.

We kijken filmpjes, knutselen snotneusjes, leren een versje over ziek zijn. Maar de aller, aller, allerleukste activiteit in dit thema blijft toch wel zelf snot maken. Dit is een sensomotorische activiteit die je al met heel jonge kinderen kan doen. Ik hou van sensomotorische activiteiten. Geen enkel kind voelt druk om iets te maken. Deze activiteiten gaan namelijk om het ervaren en het ontdekken van het materiaal. In dit geval dus…snot. Want iets dat vies is….trekt de kinderen nog meer!

Ik doe deze activiteit met 4 dametjes. Twee van hen zijn 2 jaar, 1tje is 3 en 1 van 7. Voor we beginnen zet ik alle benodigdheden al klaar. Nog even schorten aan om de kleding te beschermen en we zijn klaar. Ik maak met elk kind apart een bordje snot. Ik voeg wat cola of ranja toe bij het snot en dat maakt het helemaal af. Volgende keer wil ik kijken wat er gebeurd als we jam of (appel)stroop toevoegen.  De kinderen genieten. “Iiiiieeeuwwww, vieeeeeeeeeeeeeees! Dit is zoooooooooooo leuk” roept Bella van 2 jaar oud. Mieke van 3 is wat stiller, maar ik zie haar genieten. Kiki, 7 jaar probeert of ze met het snot een sneeuw…euh…snot pop kan maken. En dan Jessie, 2 jaar, durft het snot niet goed aan te raken. Samen met mij voelt ze heel voorzichtig, heel snel met 1 vingertje aan het snot. En ook dat is prima! Ze geniet van de reacties van de andere kinderen, maar wil liever het snot niet aanraken. Toch is ze bij deze activiteit betrokken. Ze kijkt hoe de anderen met het snot spelen en reageert op hun opmerkingen. Na een paar aanmoedigingen van mij durft ze toch het snot ook zelf even aan te raken. Dan is ze er klaar mee. Ze wil graag haar handjes wassen met de blokken gaan bouwen, dus dat doen we. De andere 3 knoeien vrolijk verder. Ze genieten en laten het snot door hun handen glijden, tekenen met hun vingers in het snot. Ze ruiken aan het snot en proberen of ze het fijn kunnen knijpen. Er wordt volop geexperimenteerd en ontdekt en daar gaat het om. Ik had het niet verwacht maar de kinderen spelen bijna 30 minuten heel geconcentreerd met het snot. Wanneer ze klaar zijn help ik hen hun handjes te wasssen. Ik spoel het snot door en was de tafel af. Na 5 minuten is alles weer opgeruimd.

Wat heb je nodig voor deze topactiviteit?

Gelatineblaadjes of poeder (ik gebruikte blaadjes dus het kan zijn dat het poeder anders moet worden voorbereid), warm water, kom met koud water, suiker. Als je het snot wil kleuren: cola, ranja, limonade, (suiker)stroop, kleurstof…..Dit isn niet noodzakelijk, maar het geeft het snot net wat extra “echtheid”.

Iets om het snot in te maken. Ik gaf elk kind een plastiek bordje met een opstaand randje.

Hoe maak je het snot klaar?

Leg de gelatine blaadjes in de kom koud water en laat ze weken tot ze zacht zijn. Dit duurt ongeveer 5 minuten.

Doe op het plastiek bord een beetje warm water (3 tot 5 soeplepels water is al genoeg!). Doe hierin wat suiker en 1 of meerdere gelatine blaadjes (ik had per kind 3 blaadjes gerekend omdat er in de pakjes die ik had 12 blaadjes zitten). Dit kan het kind al mengen tot snot (let op dat het warme water niet te heet is!). Eventueel kan je het snot kleuren door cola, ranja of iets anders dat kleur geeft erdoor te mengen. Ik koos deze keer voor cola en ranja omdat dat toch net iets extra geeft. Even mengen en het snot is klaar. Het ziet er echt precies uit als gewoon snot en zo ervaren de kinderen dit ook. Maar dat maakt het ook net zo leuk. Het is vies en leuk tegelijkertijd!

Na afloop kan je de handjes gewoon met warm water en zeep wassen. De bordjes even afspoelen onder de warm water kraan en de tafel afwassen met warm water en het is klaar. Dit is 1 van de weinige kliederactiviteiten waarbij het opruimen heel snel gaat!

P1020116

Veel snotterplezier!

Myriam

 

 

Standard

Opvoedcafé bij Welkom Kind Midden en West Brabant

 

Op 1 maart aanstaande om 19.30 organiseert Welkom Kind Midden en West Brabant een opvoedparty. Voor de 2de keer mag elke ouder, opvoeder, gastouder, oma, opa…..aanschuiven voor een gezellige avond vol met tips en trucs om kinderen op te voeden. Deze tips en trucs worden gegeven aan de deelnemers door de deelnemers. Geen ‘deskundige’ die vanop een podium komt vertellen hoe simpel opvoeden wel niet kan zijn als je maar de juiste weg volgt. Kinderen hebben namelijk geen boodschap aan die deskundige en doen gewoon lekker hun ding. Dat maakt opvoeden ook zo uitdagend. Wat voor het ene kind werkt, werkt helemaal niet voor het andere kind. En ELKE opvoeder loopt wel eens tegen een muur aan met een bepaald kind op een bepaald moment. Denk bv aan je 2-jarige die al maanden weigert om aardappelen te eten. Of je 7-jarige die van bedtijd elke avond een uitdaging maakt. Of een peuterdametje dat elke ochtend een strijd maakt van het aankleden omdat ze enkel en alleen haar roze rokje aan wil dat net in de was zit….of…….Het maakt niet uit, alles is bespreekbaar.

Hoe fijn is het dan dat je, zonder veroordeeld of beoordeeld te worden, gewoon kan vertellen waar je momenteel tegenaan loopt met je kind. Misschien komt er wel een tip van een andere deelnemer waar je zelf nog niet aan gedacht hebt maar die je de moeite van het uitproberen waard vind. Jezelf schamen omdat je kind momenteel lastig gedrag vertoont is helemaal niet nodig. Alles kan besproken worden en wanneer de deelnemers zelf geen onderwerpen meer hebben is er een hele stapel kaartjes waarop situaties staan die je kan meemaken met je kind en waarover de groep dan even kan nadenken en discussiëren.  Bovenal staat de opvoedparty garant voor een gezellige avond waarin we elkaar kunnen helpen met het opvoeden van onze (b)engeltjes!

Ben je ook enthousiast geworden? Schrijf je dan snel in via http://www.welkomkindmwbrabant.nl. Er zijn nog maar een paar plaatsjes vrij dus wacht niet te lang!

Tot dan,

Myriam

Standard

Binnen de lijntjes kleuren!

De telefoon rinkelt, ik neem op en nog voor ik goed en wel “Goedemiddag, met Myriam”kan zeggen blaft de leraar van Kiki in mijn oor dat ze nu toch echt eens een keer binnen de lijntjes moet leren kleuren. Verbaasd om zoveel boosheid vraag ik hem wat er gebeurd is. Hij legt uit dat Kiki, op school, in haar wiskundeboek een kleurplaat moest inkleuren en dat ze hierbij helemaal buiten de lijntjes is gegaan. Ze heeft blijkbaar zowat het hele blad gekleurd ipv de kleurplaat. Op mijn vraag waarom het dan voor hem zo belangrijk is dat ze binnen de lijntjes kleurt antwoordt hij boos:”omdat dat moet!”. Ik zeg dat ik het voorval met Kiki zal bespreken. Met dat antwoord is hij nog niet helemaal tevreden, maar ik vind het voor nu voldoende en hang op.

Mijn vraag blijft echter…..waarom moeten kinderen binnen de lijntjes leren kleuren? In mijn opvang moedig ik buiten de lijntjes kleuren en creatief denken juist aan. Zodra een baby iets of wat kan zitten, mag hij mee knutselen. Momenteel zijn we bezig met de kerstknutsels en de nieuwjaarsbrieven. Die laatste bestaan dit jaar uit een zelfgeschilderde en versierde kerstboom op een achtergrond van sneeuwvlokken op een zwart vel papier. We hebben kerstbomen in alle kleuren, traditionele groene, roze, blauwe, zelfs een zwarte kerstboom. Dat moet kunnen. Als ik met de kinderen praat over kerstbomen en hen vraag welke kleur een kerstboom dan heeft antwoorden ze allemaal dat een kerstboom groen is. Maakt het dan wat uit dat ze hun kerstboom een andere kleur geven? De roze kerstbomen zijn gemaakt door mijn 3 peutermeiden die volop in de prinsessenfase zitten. Alles moet roze zijn…..dus ook hun eigengemaakte kerstboom. Want dat vinden ze gewoon een mooie kleur. En van binnen de lijntjes kleuren hebben ze nog nooit gehoord. Dat moet ook helemaal niet, ook niet als ze een kleurplaat maken. Sommige kinderen kleuren zelf binnen de lijntjes en vinden dat ook erg fijn. Het lijkt hen rust te geven, maar anderen kleuren het hele blad vol of tekenen zelf nog iets extra op het blad. Zoals nu zie ik heel veel sterretjes verschijnen op de kleurplaten van de kerstbomen. Want die sterretjes staan er nog niet en horen erbij volgens de kinderen. Ik vind het prima! Zo zijn ze creatief bezig, ze oefenen hun fijne motoriek, want zo een ster tekenen is nog niet simpel.

Ik vraag me af of het binnen de lijntjes kleuren voor de leraar niet meer symbolisch is. Of het niet te maken heeft met het feit dat Kiki ook op bijna alle andere vlakken buiten de lijntjes probeert te lopen en euh….nogal moeite heeft met het aanvaarden van grenzen. Maar is ze daar geen kind voor? Om te proberen grenzen te verleggen. Met de leraar ga ik nog een keer in gesprek, maar wat denken jullie? Mogen kinderen (ook oudere kinderen vanaf een jaar of 6) buiten de lijntjes kleuren of niet? En als het niet mag, waarom vind je het dan zo belangrijk dat er binnen de lijntjes wordt gekleurd? Omdat het mooier/netter zou zijn? Een volgekleurde kleurplaat kan ook erg mooi en netjes zijn zeg ik dan. Ik ben heel benieuwd naar jullie antwoorden!

Myriam

Standard